ATTAR GULHINA / HINA / HENNA         -              LAWSONIA INERMIS/SANTALUM ALBUM

Voor de duidelijkheid:
er is een verschil tussen Gulhina attar, de ééntonige attar van de bloemen van de Lawsonia inermis en de Hina attar, een mix van kruiden, specerijen, zaden, wortels, enz. waarvan het destillatieproces 2 maanden duurt en een aantal maanden rijping in leren flessen. (Nagevraagd en bevestigd door Christopher McMahon juni 2007)

Lawsonia inermisHenna, inheems in Noord Afrika, Australië en Azië, genaturaliseerd en gecultiveerd in tropisch Amerika, Egypte, India en delen van het Midden Oosten. Ook bekend als El-Henna, een Egyptische priester en mignonette boom een andere naam voor henna boom. Synoniemen: Lawsonia alba en Lawsonia rubra.
Gebruik: bladeren voor de pasta, medicinaal in extracten, de bloemen alleen (Gulhina attar) en samen met aromatische kruiden, specerijen, wortels, zaden, enz., voor Attar (Hina/Henna), absolute, concrète, essence, hydrolaat.

Tegenwoordig geplant als ornamentale heg, maar beter bekend om de gedroogde en gemalen bladeren (henna) traditioneel gebruikt om kleurvaste oranje, rode en bruine verf te produceren. De bladeren bevatten 0.5-1.5% lawsone, het verantwoordelijke bestanddeel voor de verf, en verder o.a. mannite, tannic acid, slijmstof, gallic acid en naphtaquinon. Al eeuwen in gebruik in Azië als verf voor nagels, haar en huid, bij speciale gelegenheden zoals bruiloften. In het westen en Midden Oosten in haarschampoo, verf, conditioners en spoelmiddel.

Medicinaal wordt de plant gebruikt als sedatief, adstringent, hypotensief, tegen aambeien, en in de volksgeneeskunst tegen hoofdpijn, geelzucht, lepra, amoebiasis. Extracten zijn antibacterieel, anti fungal, menstruatiebevorderend. Het gedroogde blad en bladstengels worden algemeen veilig beschouwd in gebruik als additief voor haar. De bloem van het paradijs en de heilige henna bloem van India. De laatste jaren heeft de traditie van India en het Midden Oosten om de pasta van henna of henna bladeren op haren, handen en voeten toe te passen, haar intrede gedaan in de westerse wereld. De Profeet Mohammed zou gezegd hebben: “Het beste kruid”.
Dioscorides zei van de plant: “Welks bladeren de haren verven met een oranje kleur”.
In Afrika en Azië, vooral onder de moslims is het mode om de voeten en handen oranje-geel te verven, een gebruik dat overgebleven is van de Joden en Egyptenaren. Het is een bruin Lawsonia inermisresinoide materiaal, tannineachtig, dat was naam gegeven door Abd-el-Aziz- Herraory als hennotannic acid.

Behalve het decoratieve van patronen op handen en voeten wordt de henna bladeren ook medicinale krachten toegeschreven bij huidproblemen. In de Ayurveda wordt henna beschouwd als: anti-irritant, antiseptisch, deodorant, beschreven in de Garden of life door Naveen Patnaik. Het wordt gebruikt bij huidirritaties, als verkoeling, bij huidontstekingen, jeuk met uitslag, bulten, blauwe plekken, kneuzingen. Er worden lotions mee gemaakt, zalven tegen schaafwonden, ontstekingen van de huid, kneuzingen en zweren van lepra.
Het is een grote struik of kleine boom, met een grijs bruine schors en veel dunne takken en kan gemakkelijk gevormd worden in de vorm van een heg, zoals hij ook dikwijls voorkomt in de tuinen in India. Voor de bladerenteelt om henna pasta te produceren groeit hij in de gewone vorm, met gespreide takken.

De verse bloemen geven een delicate, zoete, bloemachtig aroma. De kleine roze of witte bloemen bevinden zich in een piramide-achtige bloeiwijze aan het einde van de takken. Iedere bloem opent in de vorm van een ster met een gouden centrum die het zoete parfum afgeven en de bloeiwijze is prachtig om te zien.
Van de bloemen maakt men een hydrolaat dat een verzachtende werking op de huid geeft, gebruikt in bad, om olie te parfumeren en in zalven voor het lichaam. Vroeger werd dit hydrolaat ook gebruikt om te balsemen. In de Ayurveda worden de bloemen beschouwd als cefaal bevorderend, tonisch, cardiotonisch, refrigerant, febrifuge en sudorifisch. Gebruikt bij cephalagia (gaat over alle aspecten van hoofdpijn), maag-zuur, cardiopathie (alle vormen van hartziekten), koorts, insomnia (slapeloosheid), amentia (geestelijke verwardheid).
In de maanden augustus tot september wordt de Gulhina geproduceerd. 45 kilo bloemen Lawsonia inermisworden geladen in de deg, met zoveel water dat de bloemen vrij drijven. Het vuur wordt gestookt onder de deg en de langzame destillatie in de sandelhout olie begint, 8-10 uur; afkoeling gedurende de nacht en dit proces wordt 15 dagen herhaald. Op bestelling kan men dit uitbreiden tot 20 dagen of 25 dagen destillatie, waardoor de intensiteit van de attar zal toenemen.
De geur van de attar is puur: een combinatie van het thee-achtige aroma van de bladeren en de zachte zoetheid van de bloemen. Een goed attar benadert de geur van de verse bloem, maar kan hem meestal niet in zijn geheel vangen.

Productie van de Gulhina attar en parfums van de Lawsonia inermis is een verhaal apart, al eeuwenlang geproduceerd in Kannauj.
De oriëntale geur wordt gemaakt door middel van hydrodestillatie van aromatische kruiden, specerijen, wortels, zaad, enz. Het is moeilijk om aan informatie te komen, aangezien de destillateurs/parfumeurs allemaal hun eigen geheime procedee’s voeren en hier uitteraard niet al te mededeelzaam over zijn. Christopher MaMahon heeft hier toch informatie over kunnen verzamelen.

Het proces begint met het verzamelen van alle materialen om de destillatie uit te voeren. Kruiden, zaden en specerijen worden aangevoerd, gesneden of tot poeder verwerkt, afgemeten aan de hand van de familie recepten. Soms worden de aromatische ingrediënten licht geroosterd. Gebruikt kunnen worden o.a.: curcuma, nardus, eikenmos, kardemom, jeneverbes, nootmuskaat, kruidnagel, foelie, ambrette zaad, laurierbes, valeriaan, rode sandelhout, taxus.

Eerst wordt de destilleerketel gevuld met 5 kilo korstmos of lichen, (charila genaamd in de Ayurveda) in 40 kilo water. Deze hebben een droge, houtige, aardachtige, schorsachtige noot, met fixatieve werking, als toevoeging aan de attar. De ketel wordt afgesloten met de deksel in de slang van klei verzekerd door de kamani, een flexibel metalen soort veer die onder druk wordt gezet door een wig om de destillatieketel goed af te sluiten. Bij het maken van Hina worden er deksels gebruikt met twee gaten waar bamboe pijpen in kunnen worden aangesloten. Dit in verband met het feit of er een attar wordt geproduceerd met één geurnoot (bijvoorbeeld alleen de bloemen) of met meerdere noten. De destillatie van de lichen duurt 4 uur, onder bewaking van temperatuur, koeling, enz., en dan wordt er een nieuwe bhapka aangesloten en volgt er weer een 4 uurs destillatie. Water en olie worden gescheiden en het water wordt gebruikt voor de destillatie van de volgende dag. Dit gaat zo 10-12 dagen tot de sandelhout is verzadigd met de lichen moleculen.

Dan volgt het tweede proces: 3 kilo gemalen en eventueel geroosterde ruwe materialen van nardus, valeriaan, curcuma, sugandha kokila, enz. in 40 kilo water worden gedestilleerd in het door lichen verzadigde sandelhout gedurende 4 uur. Dit gedurende 5 dagen, terwijl iedere dag vers materiaal wordt ingevoerd in de destillatieketel.

In het derde deel van het proces wordt er een kilo ongeroosterde gemalen kruiden, specerijen en zaden van kaneel, kruidnagel, kardemom, nootmuskaat, foelie, ambrette en patchouli toegevoegd in 15 kilo water en weer gedestilleerd in de sandelhout olie tot een zeer complexe parfum. We hebben nu een krachtig product met honderden verschillende aromatische moleculen dat in balans een eigen karakter en persoonblijkheid moet bezitten.Lawsonia inermis

Een vierde proces is een innovatief proces van parfumeurs in Kannauj dat ze “choya” noemen. Een schelp met unieke aromatische moleculen die onontbeerlijk zijn voor de karakterbepaling van Hina parfum. De schelpen worden vermalen, op een zandbed gelegd en aangestoken. Door de verhitting komt de vislucht uit de schelpen en de noten die de parfumeur zoekt blijven over. Deze verbrande schelpen gaan in pure sandelhoutolie in een speciaal aardenwerk vat met een ovale body, een klein rond hoofd met een kleine tuit. Dit vat wordt opgetild zodat de body boven het tuitje komt te liggen. Er wordt een zacht vuurtje gestookt onder dit vat en langzaam drupt de choya ral uit het tuitje. Een variant hierop is choya loban, een toevoeging van benzoë in het aarden vat zonder sandelhout olie. De gum wordt zo gedestilleerd in het ontvangende vat.

De slotfase van de Hina/henna attar: de choya’s en de verzadigde sandelhoutolie gaan in een speciaal metalen vat. Toegevoegd worden van tevoren geproduceerde éénnotige attars van Champa, Roos, Jasmijn, Bakul, Keora en Mehndi samen met saffron in rozenwater, musk en ambergrijs. Dit hele mengsel wordt opgesloten in het metalen vat met een speciale deksel die is gevuld met water. De hele compositie wordt nu bij lage temperatuur 24 uur gemacereerd. Na afkoeling worden de vaste materialen afgeschuimd en het parfum wordt in leren flessen gegoten om te rijpen.
Van begin tot einde kan dit proces 2 maanden duren.
Met de tegenwoordige technieken is het gemakkelijk om een synthetische Hina attar kopie te produceren die de echte attar voor leken en outsiders  qua geur kan benaderen, tegen een fractie van de kosten voor de echte attar, die begint bij 1000 $ per kilo.

Foto's: Lawsonia inermis
www.rimbuhadan.org
www.toptropicals.com
www.plantanswers.com
www.impgs.com


©®Copyright en registratie notaris. André Gielen 2001 – 2008.