Print This Page

Boswellia frereana


BOSWELLIA FREREANA Birdwood: (Somalië, yagar (boom) of yagcar, maidi (resin) of maydi).
In Yemen heet de boom “Yegaar”, en in het Arabisch “Laban Lami”. De boom houdt van kalksteen en gedijt in de hitte op de steile hellingen van de Noord Somalische kusten. Getracht is om de species te introduceren in Kenia en Zuid Yemen, zonder veel succes.


Boswellia frereanaMaydi wordt in Somalië en bij de Arabieren beschouwd als superieur aan andere frankincense variëteiten. Maydi of maidi is ingedeeld in acht gradaties van de beste tot de slechtse kwaliteit, respectievelijk: mushaad – mujarwal – fas kebir (kabeer) – fas saghir (saqeer) – jabaanjib – shorta – slif – en de laatste foox. De eerste vier gradaties worden exclusief geëxporteerd naar Saoedi Arabië voor kauwgum en de andere vier gradaties worden geëxporteerd naar China voor gebruik in medicijnen en wierook en naar Engeland, Frankrijk en Duitsland als wierook in religieuze ceremonies.

Boswellia frereana wordt getapt tijdens een periode van 8-9 maanden met langere en meer variabele intervallen. Geeft een resin met een citroengeur. Bevat geen gum en wordt in het Oosten gebruikt om op te kauwen. In beide gevallen hangt de timing af van het inzetten of uitblijven van de regens. Groeit alleen in Noord Somalië, waar de autochtonen het “ Maydi” noemen. In het Westen Coptische Frankincense genoemd omdat dit type en deze gradaties wordt gebruikt door de Coptische Kerk van Egypte. 80% van de productie wordt verkocht aan Saoudi Arabië. De andere 20% wordt verkocht aan andere Arabische landen. Moeilijk aan te komen in het Westen.

Analyse van de Boswellia frereana Birdw., hydrodestillatie, licht gele olie:
a-thujeen 8.1% - a-pineen 38% - p-cymeen 11% - limoneen 2.4% - sabineen 2.6% - trans-verbenol 4.2%  - bornylacetaat 2.8% -  Dit zijn de hoofdbestanddelen.
          Een andere analyse van Martin Watt geeft:
a-thujeen 10% - a-pineen 0.7% - sabineen 3% - p-cymeen 4% - limoneen 3.5% - b-Boswellia frereanacaryophylleen 0.6% - caryophylleenoxide 0.2% - overige 26%.

BOSWELLIA SERRATA Roxburgh ex Coelbr.: (Indisch, salai guggul) is synoniem aan de BOSWELLIA THURIFERA Colebrooke die groeit in de droge, dorre bergstreken  van Noordoostelijk India en aan de Coromandel kust. De BOSWELLIA GLABRA Roxburgh is weer synoniem aan de Boswellia serrata Roxb. Ex Coelbr.

De B. serrata is een gemiddelde boom van 9-15 meter hoog en met een omvang van  1,2 – 1,8 meter. Hij heeft een licht gespreide kroon en enigszins afhangende takken. De stam is meestal kort van 3-5 meter. De schors is erg dun, grijsgroen, asachtig of rood onder de schors die af bladdert in dunne papierachtige stroken. Bladeren 20-40 cm in lengte en witte bloemen. De naam serrata komt van serra (zaag) de vorm van de bladeren. De boom groeit in tropische droge streken in teak wouden of in combinatie met Terminalia species of Aacacia leucophloea species. Vooral op hellingen, richels, maar ook op vlak terrein. Hij kan tegen droogte en is goed bestand tegen vuur. Hij groeit tot een hoogte van 1150 meter. Regenval is 500-2000 mm. De bodem is rotsachtig. Hij kan op de armste gronden nog bestaan. De bloemen op het einde van de takken, verschijnen eind januari tot maart-april. De steenvruchtjes rijpen in mei-juni. De bladeren kleuren gelig tot lichtbruin en vallen af in december. In mei-juni verschijnen de nieuwe bladeren. De natuurlijke vermeerdering is meestal goed, ondanks de slechte locaties. Ook van zaad vermeerderen ze redelijk. De B. serrata heeft de opmerkelijke gave te kunnen ontspruiten van dikke takken of stengels.
In India is B. serrata een vervangend voedingsmiddel voor buffels. Het hout wordt gebruikt als brandstof en brand goed. Geeft goede houtskool die wordt gebruikt om ijzer te smelten. Goed ruw materiaal voor pulp voor papier en krantenpapier als het wordt gemengd met 20-40% bamboo-pulp. De schors wordt gebruikt voor touwwerk. Het hout wordt gebruikt in goedkope meubeltjes, ammunitie kisten, pakkisten, lucifers, triplex en fineer. De gum of resin is geelgroen, bekend als salai guggal (diaphoretisch en adstringent) van wonden in de bast. Heeft een aangename geur als hij wordt verbrand. Een volwassen boom geeft 1-1,5 kg gum per jaar. Er wordt ook een resin van getapt genaamd “lobal” die wordt gebruikt als incense. De boom kan ook gebruikt worden bij erosie van zandheuvels. Hij is ook populair als avenue boom, om in lanen te planten. Qua ziekten staat hij bloot aan een aantal verschillende schimmels. Ook de kevers Atractocerus reversus en Platypus en Xyleborus species kunnen de stam binnendringen.
Het is de Indische Olibanum. De kwaliteit wordt als inferieur aan die van B. sacra/carteri en B. frereana beschouwd. Vroeger dacht men dat de boom olibanum leverde maar deze boom geeft een geurige resin die langzaam hard gedurende de periode van een jaar en die alleen door de Boswellia frereanaautochtonen wordt gebruikt als incense. Indische namen: Shallaki en Guggal. Heeft een rijke traditie van honderden jaren in de Ayurveda. Boswellia voedt (bloedtoevoer) de gewrichten, heeft een anti-ontstekende werking bewezen door klinisch onderzoek, antibacterieel – antifungal – analgetisch – sedatief. De boswellic acids hebben eeen anti-inflammatory  (5-lipoxygenas producten) – antiartherosclerotische – antiartritische werking. De niet fenolische fractie van de gum resin heeft sedatieve en analgetische acties.  Ingenomen heeft het ook expectorante - evenals antiartritische acties. B. serrata wordt dikwijls gebruikt ter preventie van reumatische aandoeningen. Het is eetlustopwekkend en helpt bij algemene zwakte.
De resin wordt gewonnen door incisies te maken in de bast van de boom. De melkachtige vloeistof verhard als hij wordt blootgesteld aan de lucht in druppels of tranen. Nu en dan worden er tranen geproduceerd door niet bedoelde beschadigingen of door spleetjes die ontstaan in de stam of de takken van de boom.

Werkzame bestanddelen:
Analyse van de Boswellia serrata Roxb. hydrodestillatie,  lichtgele olie, niet viskeus, warm, zoet, balsamieke olie. Gebruikt deel hars. Indian olibanum of Aden type:
a-thujeen 12% - a-pineen 8% - sabineen 2.2% - b-pineen 0.7% - myrceen 38% - a-phellandreen 15 – p-cymeen 1% - limoneen 1.9% - linalool 0.9% - perilleen 0.5% - methylchavicol 11.6% - methyleugenol 2.1% - germacreen D 2% - kessaan 0.9% - cembreen A 0.5% - cembrenol 1.9%. Dit zijn de hoofdbestanddelen.
Bij deze studie werd voor de eerste keer ontdekt in de B. serrata: een monoterpeen 5,5-dimethyl-1-vinylbicyclo-2.1.1 hexaan 2% en twee diterpenoïde bestanddelen m-camphoreen 0.7% en p-camphoreen 0.3%. De laatste twee worden ook in Humulus lupulus gevonden.
Om de diversiteit aan te geven 2 analyses van hoofdbestanddelen van Martin Watt:
1. Sabineen 60% - p-cymeen 5% - a-pineen 4% - a-thujeen 8%.
2.   Sabineen 5% - p-cymeen 4% - a-pineen 8% - a-thujeen 61%.

Werkzaamheid:
Aambeien - adstringent - analgetisch – angsten - antibacterieel – antidepressief - antifungal – anti-ontsteking – antiseptisch – antitumoraal – astma – blaasontsteking – bloedneus – bronchitis – droge huid – carminatief – cicatrisant – cytophylactisch – digestief – diuretisch - emmenagoog – expectorant – griep – hoesten - immunostimulant – kanker – laryngitis – littekens – luchtweginfecties – nervositeit/spanningen/stress - sedatief – snijwonden - stimulant, algemeen en tonisch bij zwakte – verkoudheid – wondhelend – zweren, slecht helende-.
In de ayurveda wordt het resin-gum-oleoresin gebruikt tegen: rheumatische aandoeningen – eetlustbevorderend – osteoartritis – reumatoïde artritis – diarree – dysenterie – ziekten aan de luchtwegen en longen – ringworm – algehele zwakte -  anti-ontsteking door het vermogen om 5-lipoxygenase af te remmen of tegen te gaan – colitis.
Inname van 150 mg boswellia-zuren 3 x daags bij reumatoïde artritis of osteoartritis.
In vitro test geeft aan dat boswellia de synthese van ontstekingsbevorderende producten zoals 5-lipoxygenase, inclusief 5-hydroxyeicosatetraenoic acid (5-HETE) en leukotriene B4 (LTB4), blokkert of tegengaat. Verder werd Boswellia in een in vivo studie vergeleken met het geneesmiddel ketoprofen, waaruit bleek dat het beter werkte, minder toxisch was en geen maagklachten gaf. De werkzaamheid van een extract van boswellia wordt nog versterkt door de combinatie van curcuma en zink.
De betreffende boswellia-zuren zijn:
a-boswelliazuur: 3a-hydoxyolean-12-en-24-zuur en b-boswelliazuur: 3a-hydroxyurs-12-en-24-zuur.Boswellia frereana
De botanische oorsprong van de resins zijn al sinds tijden punt van discussie. Thulin en Warfa 1987 hebben geconcludeerd dat Boswellia carteri simpelweg een variëteit van de Boswellia sacra is en geen aparte  status behoeft.
Species met geringe productie zijn nog Boswellia bhau-dajiana en Boswellia neglecta M.Moore, de Boswellia neglecta S. Moore in Somalië en Boswellia papyrifera Richard in Ethiopië.

Veiligheid: MSDS
Boswellia serrata:
Cas no. 8016-36-2. Vlampunt 35 graden C. Soortelijk gewicht bij 20 graden C.: 0.846.
Algemeen niet giftig. Niet verwerken bij open vuur. Verwerken met beschermende kleding.
Xi.: irritant voor ogen en huid. Bij ingestie melk en water drinken, arts raadplegen, etiket/verpakking tonen. Ogen 15 minuten spoelen met overvloedig water. Huid wassen.
Afvloeien in het milieu vermijden: grondwater en grond.

Foto's: www.malcah.com
            www.aromatherapy-essentialoils.org
            www.anandam-shop.de
            www.uvm.edu

©®Copyright en registratie notaris. André Gielen 2001 – oktober 2007


Previous page: Boswellia carterii
Next page: Boswellia papyrifera