Print This Page

Callitris intratropica


CALLITRIS INTRATROPICA R.T.Baker & H.G.Smith     -          CYPRESS, BLUE
(Northern Cypress pine)
Familie:
CupressaceaeCallitris intratropica
Basionym: Frenela robusta var. Microcarpa Benth.
Basionym van:  Callitris columellaris var. intratropica (R.T.Baker & H.G.Sm.) Silba.
Synoniem van : Callitris columellaris F. Muell.
Nomenclatureel synoniem: Callitris robusta var. intratropica Ewart & O.B.
                                             Davies
                                             Callitris robusta var. Microcarpa F.M. Bailey
                                             Callitris columellaris var. Intratropica (R.T. Baker                                              & H.G. Sm.) Silba.

Stoomdestillatie onder lage druk van het hout, cambium, schors, bladeren van de Callitris intratropica. Plantage bomen, die groeien tot een hoogte van 15-25 meter (niet op de plantages, daar worden de grootste bomen zo’n 15 meter, onder de gunstigste omstandigheden), geliefd om hun  geurige hout. De olie bestaat hoofdzakelijk uit sesquiterpenen en is harmoniserend, kalmerend, anti-ontstekend en bactericide, in tegenstelling tot Cupressus sempervirens dat voor 75% uit monoterpenen bestaat met stimulerende, decongestieve en expectorante eigenschappen. De boom levert verschillende oliën.
De olie van de bast en het cambium (teeltweefsel tussen schors en kernhout\) bevat guaiazuleen. Dit is een heldere kobaltblauwe olie op basis van sesquiterpenen en bevat naast guaiazuleen, als hoofdbestanddeel guaiol (20-30%), met guaieen, selimeen, eudesmols, b-elemeen en verschillende furanonen. (zie werkzame bestanddelen).
De schors en het cambium bevatten veel hars en hieruit kan een kleine hoeveelheid heldere kleurloze etherische olie worden gedestilleerd. Deze olie wordt gebruikt bij wondheling, is anti-infectie en antibactericide. De olie van het kernhout is fysisch en chemisch hetzelfde, maar bevat geen guaiazuleen en is helder kleurloos. De olie van de bladeren geeft een geringe opbrengst, is overwegend l-limoneen en aromatisch niet interessant.
De olie heeft een rijk houtachtig, honingachtig, harsachtig aroma. Hij lijkt op cipres, maar is zachter, milder.

Het is een unieke olie, als enige van hout gedestilleerd met guaiazuleen, die het de kobaltblauwe kleur geeft. Alle andere van nature blauwe oliën zijn van bloemen: Kamille, duizendblad, artemis en boerenwormkruid. Deze bevatten allemaal chamazuleen. Alle blauwe oliën hebben anti-ontstekende werkingen, inclusief de Callitris intratropica. De prijsstelling daarentegen is nog wel gunstiger dan die van de andere blauwe oliën.

NICNACallitris intratropicaS RAPPORT:
In juli 1997 werd de Callitris intratropica geregistreerd bij de NICNAS (National Industrial Chemicals Notification and Assesment Scheme) voor gebruik in cosmetica.
Methode van detectie en determinatie: gaschromatografie – massa spectroscopie – semi kwantitatieve analyse – infrarood spectroscopie.
De olie is een mengsel van ongeveer 190 bestanddelen.
Hoofdbestanddelen > 1%:
Guaiol 30% - 5 azuleen methanolderivaat 8% - guieen 4% - 2 naftaleen methanolderivaat 17% - decohydro-4a-methyl-1-naftaleen 5% - elemeneen 1%.
Bestanddelen < 1%:
Menthol – terpinol – linalyl-ester – azuleen.
Olie bij 20°C blauw-groene viskeus met een aromatische houtachtige geur. Als de olie geoxideerd is kleurt hij groen.
Kookpunt 122-288°C. Soortelijk gewicht bij 20° C 0.976. Refractieve index 1.5055 – 1.5075. Oplosbaar in ethanol, niet in water.
Brandpunt 74°C, ontvlambaar maar niet explosief.
Bij stoomdestillatie is de olie na scheiding van het water 100% essentieel.
Toxisch:  a-pineen 0,05% huid en slijmvlies irriterend,
Limoneen 0,05% huid irriterend
Toxische conclusies: laag oraal en huidtoxisch; huidirriterend; huidsensibiliserend.
Bij toepassingen van 1% van de olie in cosmetica, after shaves, enz. zijn huid- en oogirritaties onwaarschijnlijk. Overgevoeligheid voor licht kan bij sommige mensen voorkomen.
Toxische invloeden van de olie in het milieu zijn te verwaarlozen, mede door het niet oplossen van de olie in water.

De maatschappij geeft aan dat bij de destillatie 1% verloren gaat in de ecologische omgeving.
In prehistorische tijden was de Callitris, Araucaria en verwante species dominant op het Australische continent. Door de komst van de mens en het vuur kwamen deze species snel tot verval door de vatbaarheid voor vuur. Callitris intratropica
De noordelijke cipres, de kerstboom van noordelijk Australië wordt verwoest door bushfires. Als 100% van de bladeren van de Callitris intratropica verbranden, zal de boom sterven, in tegenstelling tot de Eucalyptussoorten. Het duurt 10 jaar voor de boom volwassen is en zaad levert en het is dus goed mogelijk dat door verschillende en frequente bushfires de boom wordt uitgeroeid. Eucalyptus daarentegen schiet opnieuw uit na een brand.

Ze werden verdrongen door de snelle opkomst van de vuurlievende Myrtaceae families, bomen en struiken. De meest favoriete habitat van de Callitris is op de eilanden Bathurst en Melville, ten noorden van Darwin. De autochtone inwoners zo’n 2500 behoren tot het Tiwi volk. De Apsley Strait scheidt de twee eilanden van het vasteland. Melville is op Tasmanië na het tweede grootste eiland.

De antropologen en etnologen Hart, Pilling en Goodale veronderstellen dat de Tiwi voor tenminste 20.000 tot 70.000 jaar hier gewoond hebben. Er zijn grote verschillen tussen de Tiwi en de andere aboriginals van het vasteland. De geïsoleerde Tiwi dachten dat zij het enige volk ter wereld waren en dat het vasteland het tehuis voor de Tiwi geesten was. Het woord Tiwi betekent in hun taal: “Wij, het enige volk”. De Callitris heette bij de Tiwi: “Karntirrikani”, volgens de Tiwi legende geplant door een oude blinde vrouw Mudangkala. Deze autochtone Australiërs hebben duizenden jaren planten, bloemen, bomen en struiken gebruikt als medicijn, voedsel, insecticide, voor geestelijke toepassingen, enz. en hebben deze gebruiken aan ontelbare generaties doorgegeven. In het hedendaagse Australië zijn er allerlei activiteiten en ondersteuning aan Aboriginal stammen om traditioneel plantengebruik te verzamelen, te inventariseren en te beschrijven, met tevens respect voor de geestelijke aspecten.
Eucalyptus olie en tea tree, geoogst in de bush hebben de Australische planten geïntroduceerd in de wereld. Nu worden ze geplant en geteeld in plantages. Zo ook de Callitris intratropica, de Blue cypress, die alleen geoogst wordt in plantages, met een eerlijke en correcte betaling direct aan het Tiwi volk van de eilanden Bathurst en Melville.

Callitris houtsnippersAustralië heeft veel flora en fauna die nergens anders op de hele wereld bestaan.
De Aboriginals hebben niet alleen duizenden jaren de ruige omstandigheden overleefd, maar hebben al die jaren uit talloze planten remedies tegen allerlei kwalen, ziekten en voedsel bereid. Het gebruik van etherische olie houdende planten is een hoofdonderdeel van de pharmacopoeia van de Aboriginals.
De Tiwi’s gebruikten de Callitris bladeren en schors, o.a. voor thee en in kompressen voor buikkrampen, snij wonden, kneuzingen, zwellingen, enz. Een handvol van de binnenste schors wordt gestampt en verwarmd. Hier wordt een papje van gemaakt, dat na afkoeling op de te behandelen plekken wordt aangebracht. De schors werd in het kampvuur verbrand tegen de muggen. De as van het hout werd vermengd met water en op pijnlijke plekken gesmeerd. Aldoende werd gebruikt gemaakt van de analgetische eigenschappen om pijn te bestrijden.

Traditioneel gebruik van etherische olie dragende planten:
*de bladeren kneuzen en de geuren inhaleren
*de bladeren kneuzen en een papje maken met klei of met schorsdelen op de te behandelen plek binden.
*stukken schors van de boom snijden en aanbinden op zere plekken.
*de schors en bladeren op hete stenen gooien of in de hete as en de dampen inademen.
*de schors pletten en in water verhitten. De afgekoelde vloeistof over de te behandelen plekken verspreiden.
De Tiwi gebruikten de Callitris intratropica voor toortsen, ceremoniële objecten, muziekinstrumenten, speren, peddels, brandhout, de schors als een medicijn tegen diarree en om touw te maken, de appels werden gebruikt als een medicijn tegen post natale bloedingen. De bast en bladeren tegen insecten en de as werd gebruikt tegen pijnen en pijnscheuten.
De Tiwi bevolking had geen contacten met het vaste land. In 1636 zeilde Pieter
Pieterszoon langs de noordkust van Melville. Hij zag geen teken van leven behalve wat rook en noemde de eilanden Van Diemensland. In 1705 landde drie schepen onder commando van Maarten van Delft in Shark bay op de noordoost kust van Melville. De Tiwi waren zeer vijandig en hebben verschillende zeelui met hun speren gedood. Daarop vertrokken de Hollanders en lieten zo de deur open voor Captain Cook en de Engelsen in de 18e eeuw.

Ook het inheemse Wagiman volk maakt en maakte gebruik van de boom, als brandhout, om te bouwen, om speren van te maken, enz. In Wagiman land is de boom schaars geworden door grote branden en de bouw van huizen.
In 1905 werd Callitris intratropica voor het eerst geproduceerd voor de bouw, door een Europeaan, Joe Cooper. Omsteeks dezelfde tijd deden R.T.Baker en H.G.Smith onderzoek naar de “Pines of Australia”. In pre-historische tijden was de Callitris intratropica overvloedig aanwezig, maar verdween al snel door menselijk gebruik. De boom was hard, overleefde de klimatologisch zware omstandigheden en was bestand tegen termieten. Daarom werden er grote plantages aangelegd van 1960-1974. De boom groeide langzaam en werd aangevuld met o.a. Pinus cariboea en andere species. In de jaren 70 overstegen de kosten de baten.
In december 1974 verwoestte cycloon Tracey talloze houten huizen. De bouw voorschriften werden drastisch aangepast en hout werd verboden voor de bouw. Hiermee kwam er een einde aan de houtindustrie van het Noordelijke Territorium.

In tegenstelling tot de Myrtaceae species, Eucalyptus en teatree herstelt de Callitris intratropica niet na het oogsten, omdat de olie in het kernhout van de boom zit en dus de hele boom gebruikt wordt, ook de wortels. De geoogste stammen worden verwerkt in spaanders, nog verder verkleind, in manden geplaatst en gestoomd onder lage druk, om de olie niet nadelig te beïnvloeden. De destillatie duurt zo’n 30 uur. De verdampte olie wordt gecondenseerd en water en olie worden gescheiden.
De outillage is gemaakt van roestvrij staal en glas. Tijdens de moesson van november tot april is productie niet mogelijk. De bomen geven niet veel olie, een kleine volwassen boom geeft zo’n 7 ounce olie, = 200 ml., vandaar dat de olie betrekkelijk duur is, mede doordat de plantages zich op verschillende locaties bevinden en het afgelegen locaties betreft.
Sinds 1974 is er aan de plantages geen onderhoud meer gepleegd, waardoor het hout niet geschikt is voor timmerhout, maar excellent voor de oliewinning. De bomen groeien ongecontroleerd en leveren onderling het gevecht om licht, voedingsstoffen en vocht. De buitenste rijen bomen bereiken daarom een hoogte van zo’n 15 meter terwijl de bomen uit het binnenste van de plantages de helft nog niet halen. Er zijn 14 verschillende species van de Callitris met allemaal verschillende chemische bestanddelen die geheel anders zijn dan die van de intratropica. De verscheidenheid in klimatologische omstandigheden en grondsamenstellingen in Australië zijn groot.
Tasmanië in het zuiden is koud en nat, centraal Australië is heet en regenarm en het noorden is tropisch.

Dr. Jurgen Klein en Ulrike Klein hebben een bedrijf: Jurlique, waar ze producten ontwikkelen met de intratropica olie, aanvankelijk in sportolie en bodycare producten, gepromoot op de Sydney 2000 Olympics. Een aantal ondernemingen zijn hier mee bezig, zoals Desert Essence in Californië, Aubrey Organics in Florida, in Rabaul in Nieuw guinea, de firma Tropic Fronds.

In 1960 werden de eerste plantages gevormd. Dit gaf de Tiwi’s werk en inkomsten
Sinds 1980 deed Bill McGilvray onderzoek naar levensvatbare bronnen voor essentiële oliën. De omstandigheden van de Callitris intratropica voldeden niet aan de ontwikkelingscriteria. Totdat Bill ontdekte dat er plantages bestonden op Bathurst, Melville en het vasteland.
McGilvray loste alle technische problemen betreffende de oliewinning van de callitris intratropica op en introduceerde de verkregen etherische olie in Europa. Zo ontstond in het kort de Australian Blue Cypress.
Callitris intratropica is een langzaam groeiende inheemse Australische cipres, uitsluitend voorkomend in tropisch Australië en lid van de Cupressaceae.Callitris coastal pine

Ht is een compacte, keurige boom met blauw groen gebladerte en groeit in noordelijk en westelijk Australië en Queensland in gebieden met nogal wat regenval. De bladeren groeien in kransen van drie. De mannelijke kegels groeien in klusters van drie en zijn 1 cm lang. De vrouwelijke kegels 1,5 cm. De voortplanting geschiedt door middel van zaad. De boom kan 300 jaar oud worden en is volwassen na ongeveer 20 jaar. Hij groeit op grote plantages die in bezit zijn van het Tiwi volk. Bomen in het wild worden niet gebruikt voor de olieproductie.
De olie is zoals andere etherische oliën niet oplosbaar in water. Volgens eigen procédé, wordt de olie daarna geproduceerd, waarbij ook nog bijproducten worden vervaardigd. Aldus is dit de eerste commerciële olie van de Callitris intratropica, door de Australische Cypress Oil Company.
In Australië plant de Australian Cypress Oil Ltd. nieuwe plantages aan, vriendelijk voor het milieu.
De ACO (Australian Cypress Oil) heeft een visie:
*sociale verantwoordelijkheid: plantages ontwikkelen op het land van de autochtone bewoners die daar de vruchten van plukken.
*economische en sociale plantagebouw, zonder vernietiging van het land.
*introductie van een waardevolle e.o. in de wereld.
De ACO heeft een 10 jarige overeenkomst met de Tiwi om hun plantages te exploiteren, zo’n 3000 hectare.
De boom groeit ten noorden van Darwin en wordt 15-25 meter. Hij werd altijd gezocht om zijn geweldig geurend hout.

Werkzame bestanddelen:
selineen, guaiazuleen,(geeft de olie zijn kobaltblauwe kleur). De olie bevat vooral sesquiterpenen: guaieneen, guaiol 20-30%, lactonen, eudesmol, selineen, elemol, geranylacetaat, caryophylleen, limoneen en 90 andere componenten, waaronder zo’n 8% ingewikkelde ketonen.
De ACO heeft 16 bestanddelen geïdentificeerd = 75,3% van de totale olie:
b-elemeen 1,1%             a-guaieen 5,4%
b-chamigreen 3,4%        b-selineen 4%
cis-b-guaieen 1,9%        a-selineen 3,2%
guaieen 2,7%                 elemol 1,5%
guaiol 17,3%                  y-eudesmol 7,7%
b-eudesmol 4,8%           a en b-eudesmol tot 9%
bulnesol 8,5%
guaiazuleen/bicyclo-vetivenol 1,4%
3,5,8-trimethylfuranoon 7,4%
5,8-dimethylfuranoon 0,5%.
De eigenschappen lijken op chamomilla, artemisia en boerenwormkruid.
Aromatisch heeft de Callitris overeenkomsten met Santalum album, Amyris balsamifera, Bulnesia sarmienti en Vetiveria zizanoides, evenals met sommige cederoliën, vooral Juniperus virginiana.
De sesquiterpenen, sesquiterlactonen en (-)-guaiol kunnen gebruikt worden in producten voor de persoonlijke verzorging. De olie is geschikt voor antibacteriële behandeling van de huid, slijmvliezen, haar en textiel, als antimycoticum tegen fungi en schimmels, als anti-ontstekings middel en als een acaricide (mijtdodend middel) tegen huismijt en teken en om cosmetische producten te conserveren.
Callitris intratropica (ABC) Australian Blue Cypress met
Werkzame bestanddelen: gas chromatografie 11 februari 2003. guaiol 15-25%, trimethyl furanone 7.4% - beta- selineen 4% - gamma-eudesmol  7.7% - alpha-eudesmol 4.5% - beta-eudesmol 4.8% - bulnesol 8.5% - beta-chamigreen 3.4% - a-selineen 3.2% - beta-elemeen 1.1% - alpha-guaieen 5.4% - cis-beta-guaieen 1.9% - alpha-selineen 3.2% - gamma-guaieen 2.7% - elemol 1.5% - .
 Bron: The Essential Oil Company Australia

Gebruik:
Cosmetische producten, toiletartikelen, parfum, geuren, bodycare producten, baby verzorgingsartikelen, aromatherapie.
Gebruik in massage olie, bad olie en sauna’s, parfum, cosmetica, aromatherapie.

Werkzaamheid: De olie bevat guazuleen en heeft een ontstekingremmende werking. Het is een echte eerste hulp olie. De bast werd door het Tiwi volk duizenden jaren gebruikt tegen wondjes en maag- en darmproblemen. Tegen insectenbeten, netelroos, allergische reacties, pijnstillend, ook bij brandwonden, bevordert wondheling. Antivirale werking bij wratten, koortslip en gordelroos, eczeem, erythema (rode ontstoken plekken op de huid). Verzacht hardnekkige huiduitslag, herpes zoster, herpes simplex.
Tegen spierpijn en chronische ontstekingen. Bij brandwonden. Verkort het genezingsproces en bestrijdt de pijn en littekenvorming.

Aardend – analgetisch - anti-infectie – antiviraal op wratten (handen, voetzolen) - artritis – bloedcirculatiebevorderend - brandwonden – cefaal, stimulerend en concentratiebevorderend - eczeem – harmoniserend, emotioneel - herpes -  insectenbeten/steken (spinnen, vlooien, muggen, bijen, zandvlieg, mosquito, wespen en andere insecten)  - insecticide  -  kalmerend bij ongedurigheid en wispelturigheid - kneuzingen - koortslip herpes simplex – luieruitslag – reumatische pijnen – spierpijn -  verstuikingen – zwellingen. Succesvol bij circulatiestoornisen in excrementen in combinatie met een basisolie, gember, zwarte peper. 


Geestelijk: De olie is kalmerend en rustgevend en stimuleert de hersenen, wat betreft concentratie. Harmoniserend, tegen nervositeit en stress en emotionele verscheurdheid.

Callitris woodlandCombinatie:
Lavendel, lemon myrtle, citrus en bloemen oliën, evenals houtsoorten.

Contra indicatie:
Kan irritatie geven aan huid en ogen, bindvlies, evenals darmirritatie na ingestie. Melk en norit toedienen. Ogen: oogglas met melk spoelen, huid met warm water en zeep wassen.
Blusmateriaal: CO2 poederblusser, schuim, geen water.
Opslag bij kamertemperatuur 18-21C.
Gewicht 0,9760gm/cm3.
Onoplosbaar in water.
Vlampunt 74ºC en ontbrandingstemperatuur 74ºC.
spaarzaam gebruiken, niet toxisch, huidirritant, niet onverdund gebruiken.

Veiligheid MSDS
Cas no. 18348-13-6. Vlampunt 74 graden c.  Kookpunt 278-321 graden C. Soortelijk gewicht bij 20 graden C. 0.890-0.922.
Stabiele vloeistof, geen explosie gevaar, geen brandgevaar. Toxische rook bij verbranding. Bij verwerking beschermende kleding dragen.
Xi irritant voor ogen en huid. Bij oogcontact 15 minuten overvloedig spoelen met water, evenals de huid. Bij ingestie melk drinken, houtskool tabletten, arts waarschuwen, etiket tonen.
Niet in het milieu, water, grondwater, grond. Guaiol is dodelijk voor veel vissen.
Toxisch:  dodelijk oraal en via de huid: rat LD50 >2000 mg/kg.


Bron: Processes for obtaining (-)-guaiol and the use thereof. www.freepatentsonline.com
          ww.savanna.ntu.edu.au/news/fire. Dr. Mark Gardener.
          www.conifers.org: Callitris intratropica description.      
          The birth of the blue. McGilvray, Bill 1998.
          www.australessence.com/blue cypress 
          Perfumed pineries: Environmental History of Australia’s Callitris Forests Environmental
          History by Main, George apr. 2002.
          February 2001 newsletter.
Foto: www.anbg..gov.au
         www.conifers.org 
         Callitris intratropica.
         Full public Report. National Industrial Chemicals Notification ans assessment scheme. File
         NA/507. juli 1997.
         www.bluecypress.com/callitris 
         www.owl.cdu.edu.au
         www.audit.deh.gov.au
         www.bush-sense.com
         www.aroma100.net
         www.rbgsyd.nsw.gov.au.
         www.bobasgarden.net
         www.answers.com
         www.abc.net.au
         www.ruhr-uni-bochum.de
         www.plants.uwa.edu.au
         www.learnline.cdu.edu.au
         www.nationaltrustsa.org.au
         www.commons.wikipedia.org

 

 

    

©®Copyright en registratie notaris. André Gielen. Lith 2001 – november 2007.


Previous page: Callitris glaucophylla
Next page: Cananga - Ylang ylang