Print This Page

Croton eluteria

 

CROTON ELUTERIA BENNET                                -                   CASCARILLA/ZOETHOUTBAST
Familie:
Euphorbiaceae. Gebruikt deel: de gedroogde bast, stoomdestillatie. Van de rijpe zaden wordt ook een olie geproduceerd.
Synoniemen:                           Croton eluteria (L.) W. Wright
           Croton eluteria                                      Clutia eluteria L. 
                        Cascarillae cortex (Br.)
                        Cortex eluteriae
                        Cortex thuris.
De Familie is een zeer uitgebreide plantenfamilie van zo’n 1200 species, die hoofdzakelijk in de tropen voorkomen. De familie bestaat uit kruiden, bomen en struiken. Alle soorten hebben een wit of gekleurd melkachtig sap. Karakteristiek is de al dan niet dichte beharing van de bladeren bij verschillende soorten. De genus Croton heeft tussen de 525 en 600 naamgegeven species. De Croton L. werd naamgegeven door Linnaeus op 1 mei 1753. Hij komt voor in o.a. Mexico, Guatamala, Panama, Jamaica, Colombia, Ecuador, Cuba, de Bahama’s. De olie wordt vooral geproduceerd op de Bahama’s en in Cuba. Inheems in West Indië, volop op het eiland Eleutheria, waar de naam ook vandaan komt.

Gehalte aan etherische olie 1,5-3%. Soortelijk gewicht 0.897 – 0.910. Refractieve index 1.488-1.493. Optische rotatie -1.40 tot +8.54. Geur medium, prettig en aromatisch, kruidig, fris, houtig, peperachtig. Gebruikt in de parfumindustrie voor mannengeuren. De smaak is niet prettig (misselijkmakend), heet en bitter. Ondanks dit feit wordt de olie gebruikt in de voedingsmiddelenindustrie als smaakmaker en de drankindustrie. De olie is een geel tot donker amberkleurige vloeistof. Oplosbaar in alcohol en dipropyleen glycol, niet oplosbaar in water. De olie wordt vooral geproduceerd op de Bahama’s en in Cuba.

Cascarilla is een struik of kleine boom, 6 meter hoog in ideale omstandigheden tot 12 meter, die het gehele jaar door bloemen en vruchten draagt. Bovenin de boom zitten de steriele kleine bloemen, onderin enkele vruchtbare op stengeltjes. De zaden 10-12 zitten in een  ronde capsule, zo groot als een erwt. De bladeren zijn glad, aan de bovenkant donkergroen, aan de onderkant lichter van kleur. Hij maakt veel takken in de top. De bloemen zijn eenhuizig, klein, wit en geurig, het hele jaar door. De bast is lichtgeel tot bruin met spleten en kerven. De schors is 2 mm dik gedraaid, in stukken, grijs van kleur met groeven, kurkachtig, bedekt met een witte korstmos, resineus. Bij verbranding geeft de schors een sterke aromatische geur, muskachtig en heeft een warme, zeer bittere smaak. Van de schors wordt door rokers dikwijls een beetje in de takbak gedaan om die iets geuriger te maken. Teveel aan toevoegingen geeft onprettige bijverschijnselen.

Heeft in de volksgeneeskunde een ellenlange geschiedenis als digestief, tegen misselijkheid, overgeven, koorts, wormen, gele en andere koortsen, astma, aambeien, hoge bloeddruk, diarree, dysentrie, dyspepsie, koliek, bronchitis, slijmoplossend, bij herstel na ziekte en zwakte. (aftreksels van de schors). Komt oorspronkelijk uit het Caribische gebied en wordt nu ook in het wild aangetroffen in Mexico, Columbia en Ecuador. De bladeren worden ook wel gebruikt om tabak te aromatiseren en uit de bast wordt een zwarte verfstof gewonnen. De etherische olie wordt verkregen door stoomdestillatie van de gedroogde bast. De bast wordt geïmporteerd in Frankrijk, Engeland en de USA en daar wordt eveneens een weinig gedestilleerd. De bast wordt dikwijls vermengd met andere Croton soorten. Microscopisch onderzoek kan dat bevestigen. De bast bevat 1.5% etherische olie, het bittere kristallijne cascarillin, het alkaloïde betaine en cascarilline.
De olie wordt gebruikt als geurcomponent in zeep, haarlak, poeder, lipstick, lotions, parfums, badschuim, cosmetica en wasmiddelen en als smaakingrediënt in voedingsmiddelen, frisdranken en vermouth, bitters en andere alcoholische dranken.

CascarillaAndere soorten:
      Croton tiglium, wel bekend in Zuidoost Azië. De olie uit het zaad werd gebruikt als een sterk purgatief. Tegenwoordig als onveilig beschouwd en in vele landen niet meer in de pharmacopee.
     Croton oligandrum Pierre ex Hutch, een boom van 5-10 meter hoog die gevonden wordt in Centraal en West Afrika, vooral in Gabon. Hoofdbestanddelen: linalool 53.5% - 1,8-cineol 6.6% - terpinen-4-ol 2.8% - a-terpineol 3.6% - 1-octen-3-ol 2.6% - b-pineen 5.1% - b-caryophyleen 3.1% - caryophylleenoxide 1.2% - guaiol 1.9% - a-eudesmol 1.1% - benzylbenzoaat 2.7%. Bron: JEOR mar/april 2005.

Werkzame bestanddelen:
Vooral voorkomend in de schors:
calacoreen, a-copaen, a-pineen, a-thujn, b-caryophylleen, b-elemeen, b-pineen, betaine, borneol, calameneen, campheen, cascarilladiene, cascarillic acid, cascarillidon, cascarillin-A, cascarillon, cineol, cupareen, cuparophenol, d-limoneen, dipenteen, eugenol, euparophenol, g-terpineen, g-terpineol, lignin, myrceen, p-cymeen, terpine-4-ol, vanilline, cascarilzuur, terpeen, cymol, cymeen, diterpeen, limoneen, linalol, caryophylleen. Ook resin en tanninen. Cascarilla is een aromatisch bitter, met zwak febrifuge eigenschappen. Er worden aftreksels van gemaakt (niet lang houdbaar), tincturen met mineralen zuren die een weinig resin bevatten.
Bron: Phytosearch/Cascarilla.
           Ter vergelijk een analyse van The goodscents company.com
Amylbenzoaat – allo-aromadendreen 0.28% - a-bisabolol – b-bisabolol – borneol 0.94% - cadaleen 0.22% - delta-cadineen 0.42% - gamma-cadineen 0.17% - T-cadinol 1% - a-calacoreen 0.96% - b-calacoreen 0.24% - calameneen 0.11% - campheen 0.4% - camphor 0.02% - delta-2-careen 0.21% - carvacrol – carvenon – (E)carveol – carvon – carvon aceton – b-caryophylleen 0.25% - caryophylleenoxide + dihydro-ar-bisabol 0.67% - cascarilla epoxide 0.32% -cascarilla furan – cascarilla hydroxyketon 1.34% - cascarilla lacton  - cascarilladiene 4.62% - cascarilladienon 1.28% - cascarillon 0.74% - b-cedreen-10-ol 1.78% - cedreen isomer 1.11% - cedrol – a-chamigreen 0.2% - b-chamigreen 0.11% - 1,8-cineol 0.28% - compound k,l,m,n,o,p,q,r,t,u,v,w – a-copaen 0.39% - a-cubebeen 0.04% – b-cubebeen 0.21% - cuminaldehyde – cupareen + a-muroleen 2.45% - cuparophenol 1.88% - ar-curcumeen 0.38% - cyclosativeen 0.53% - para-cymeen-8-ol 0.28% - para-cymeen 9.91% - 2-decanon – dictyopterol 1A 0.86% - dictyoperol 1B 0.43% - 3,4-dihydro-6-methyl-4-isopropyl-1(2H)-naphtalenon 0.51% - 2,5-dimethoxy-meta-cymeen – 2,5-dimetoxytolueen(fennelon) – alpha-para-dimethylstyreen 0.16% - 6,7-dimethyl undeca-5,9-dien-2-ol 1.28% - 1,11—oxi-docalameneen 0.73% - beta-elemeen 1.63% - gamma-elemeen 0.31% - elemicine 0.56% - beta-elemol 0.51% - beta-eudesmol 3.03% - (E)-beta-farneseen – alpha-fenchylalcohol – geran-9-yl-alpha-terpineol 0.35% - geranyl aceton 2.18% - germacreen D 0.07% - guaiol – 2-heptanol – 2-heptanon – 2,4-hexadien-1-al – humuleen epoxide isomer 0.28% - intermedeol 0.71% - limoneen + 1,8-cineol 0.94% - linalool 5.12% - linalooloxide – linalylacetaat – beta-maaliene – para-menth-2-en-1-ol – para-mentha-1,3-dien-7-al – para methyl acetopheno – ortho-methyl anisole – 3-methyl but-2-enylbenzoaat – methylcarvacrol – methyl cascarillaat – methylchavicol – methyl eugenol 0.22% - 6-methyl-heptan-2-one – methyl thymol – 6-methyl-5-hepten-2-one – 5-methyl-5-hexyl furan – myrceen 0.64% - myrtenol 0.17% - nerolidol – 2-nonanol – 2-nonanon – (E)-beta-ocimeen – (Z)-beta-ocimeen phellandral – alpha phellandreen 0.13% - alpha-pinen 2.59% - beta-pineen 0.35% - pinocarveol – piperitol – prenylbenzoaat – 4-iso-propyl-6-methyl tetral-1-one – sabineen – sabinol – beta-selineen 0.58% - spathulenol 0.7% - terpinen-4-ol 1.70% - terpinen-4-yl acetaat – gamma-terpineen 0.6% - alpha-terpineol 1.10% - beta-terpineol – terpinoleen – alpha-terpinylacetaat – alpha-thujeen 2.11% - alpha-thujon o.14% - thujopseen 0.23% - thymol – torilenol 0.77% - 2-tridecanon – (Z)-5-tridecen-2-one – 5,8-undecadien-2-one + (Z)-5-undecen-2-one 0.29% - 2-undecanon 0.31% - valenceen 0.18% - verbenon 0.11%.

Werkzaamheid:    
Adstringerend   -  anticonvulsant -  anti-microbisch   -   antiseptisch -   bloeddrukverlagend - braakneigingen  - bronchitis, chronische   -  carminatief -  constipatie -  diarree   -  digestief -   dysenterie  -  dyspepsie -   expectorant -     flatulentie   -   griep   -   hoesten   -  koortswerend  -    misselijkheid -   stimulant, licht, gal  - stomachisch -  tonisch. In de aromatherapie gebruikt tegen chronische bronchitis, hoesten en griep. Een olie om in de wintermaanden toe te passen.
De zaadolie is een sterk snelwerkend purgatief. Leegt de darmen binnen een uur met een minimale dosis. Zeer voorzichtig gebruiken. Uitwendig gebruikt bij neuralgie, reuma, jicht, bronchtitis. Verdunnen met drie delen olijfolie en gebruiken als smeersel. Gebruik onder deskundige leiding.

Inwendig:
bij dyspepsie en spijsverteringsstoornissen. Croton eluteria

Combinaties:
eikenmos, engelwortel, cederolie, kruidnagel, gayak, nootmuskaat, peper, piment, salie, specerijen en oriëntaalse bases.

Contra indicatie:
In hoge doses mogelijk narcotisch, verder niet toxisch, niet irriterend, geen overgevoeligheid veroorzakend, niet fototoxisch in proeven op mens en dier met onverdunde cascarilla olie. (Opdyke 1976). Kan ogen en huidirriteren. Niet voor jonge kinderen en zwangere.

Toepassingen:
*bij hoesten: 15 dr. cascarilla en 10 dr. lavendel mengen met 50 ml. basisolie, hiermee borst en rug inwrijven.
*bij bronchitis: 25 dr. cascarilla mengen met 50 ml. basisolie, hiermee borst en rug meerdere malen inwrijven.
*bij griep: 3-5 dr. cascarilla mengen met een schaaltje heet water en 5-10 minuten dampen.


Bron: BoDD. Botanical dermatology. www.bodd.cf.ac.uk  
         Material Safety Data Sheet: Cascarilla bark Central America. Croton eluteria.
         Analyse: The goodscents company M.L.Hagedorn; S.M. Brown; The constituents of
         Cascarilla oil Croton eluteria Bennet. Flav. Fragr. J., 6, 193-204 (1991)
         www.chromadex.com/Phytosearch/Cascarilla
         Wikipedia eng., de.
         Newsletters november 1995
         Henriette’s Herbal Homepage. King’s American Dispensatory by Harvey Wickes Felter, M.D.          and John Uri Lloyd. Phr. M. Ph.D. 1898. Cascarilla.
         The British Pharmaceutrical Codes. Published by direction of the Council of the
         Pharmaceutival Society of Great Britain, 1911
         Botanical. Com A Modern Herbal by Mrs. M. Grieve.
         Raintree nutrition. Tropical plant database Cascarilla Croton eluteria.
Foto: www.botgarden.uni-tuebingen.de
         www.caliban.mpiz.-koeln.mpg.de
         www.aromaterapia,jp
         www.species.wikipedia.org

©®Copyright en registratie notaris. André Gielen. Lith 2001 – maart 2007.


Previous page: Crocus sativus
Next page: Cuminum cyminum