Print This Page

Myrrhis odorata

 Myrrhis odorata

MYRRHIS ODORATA (L.) Scop. –  ROOMSE KERVEL/SWEET CICELY.
Familie: Apiaceae/Umbelliferae. De Familie Apiaceae heft 89 genera 1 species in Myrrhis.
Synoniemen: Chaerophyllum cicutariaMyrrhis odorata
                      Chaerophyllum odoratum
                      Lindera odorata
                      Scandix odorata
                      Selinum myrrhis
Gebruikte delen: de zaden ook voor de olie, de verse bladeren in de keuken. 
Het blad wordt vers gebruikt. De vrucht kan als vervanger voor anijs worden gebruikt.
De smaak is het sterkste indien de vrucht nog niet helemaal rijp is. De smaak is zoet met een sterke geur, anijsachtig en naar zoethout, door het hoge percentage etherische olie anethol.
Komt voor in lichte bossen, grasland, vochtig, Zuid Europa tot aan de Kaukasus. Oorspronkelijk kwam het kruid alleen voor in Noord Spanje en Zuid Frankrijk. Toen het in cultuur werd gebracht, verspreidde het zich zeer snel verder naar het noorden. In ons land groeit de Roomse kervel als verwilderde plant langs heggen, in struweel, in parken, in volkstuinen en in plantsoenen. In de Oudheid werd Roomse kervel als surrogaat voor mirre gebruikt dat afkomstig is uit Afrika en Arabië. Vandaar de geslachtsnaam Myrrhis. In de 16e eeuw schreef John Gerard de gekookte wortels voor aan mensen die aan vermoeidheidsverschijnselen leden. Culpeper was er van overtuigd dat Roomse kervel hielp tegen de pest. Het is een winterharde vaste plant met een hoogte van 60-90 cm en een omvang van minimaal 60 cm. Van de lente tot de vroege zomer kleine witte bloemen, vol nectar, in schermen gevolgd door lange geribde Myrrhis odoratazaden. De bloemen zijn hermafrodiet (mannelijke en vrouwelijke organen) en worden bestoven door vliegen, bijen en andere insecten, zoals torren en kevers.
Groeit in de volle zon of halfschaduw in vochtige grond. Het kruid is belangrijk voor imkers. Aanvankelijk zijn de zaden groen, later zwart. Het blad is varenachtig, diep ingesneden en geurt naar anijs als het wordt gekneusd. Over het algemeen heeft het kruid weinig last van ziekten en plagen. Heeft varenachtige aromatische bladeren. Na het rijpen dragen ze lange smalle vruchten. De groene zaden, smaken naar anijs en worden rauw gegeten, in vruchtensalades en als smaakmaker in likeur gebruikt. Er wordt aromatische meubelwas van gemaakt. Het verse blad wordt in omeletten, soepen en stoofpotten gebruikt. De geraspte wortel doet men in salades, zure inmaak, of ze worden gekookt. Bladaftreksels worden voorgeschreven bij bloedarmoede. Wortelaftreksel in cognac is opwekkend, mild ontsmettend en spijsverteringsbevorderend. Men kan er ook thee van zetten.
Afkomstig uit de Savoye in Frankrijk en nu verspreid over geheel Europa en Noord Amerika. In Scandinavië als tuinplant gekweekt, aangezien het zeer koudebestendig is en zodoende de noordelingen het hele jaar door voorziet van een keukenkruid, zelfs in Ijsland. De smaak is een beetje zoet en lijkt op venkel, anijs en drop. De blaadjes worden gebruikt in salades en sauzen op basis van kwark en yoghurt. De stengels laten zich goed confijten.
In de volksgeneeskunde in gebruik sinds eeuwen: tegen de pest, honden- en slangenbetMyrrhis odorataen een aftreksel van de wortels. Culpepper schreef de zaden voor tegen reuma. Er werden zalven, aftreksels en balsem gemaakt tegen allerlei kwalen. De wortels, bladeren en zaden werden gegeten in groenten, slalades, yoghurt, enz.

Werkzame bestanddelen:Phenylpropaan – anethol 80-90% - methylchavicol – alloaromadendreen – anijsaldehyde – b-bisaboleen – caryophylleen – selineen – cosmosiine – elemol – eugenolmethylether – longifoleen – g-muuroleen – germacreen-D – terpinen-4-ol – terpinoleen – trans-anethol – pineen – terpineen – terpineol – b-cymeen – limoneen – myrceen.

Werkzame bestanddelen in de hele plant:
Allo-aromadendreen – apigenine-7-O-glucoside – b-bisaboleen – b-caryophylleen – b-selineen – chavicol-methylether – cosmosiin – cynaroside – elemol – eugenol-methylether – gamma-muuroleen – germacreen D – longifoleen – luteoline-7OMyrrhis odorata-glucoside – petroselinic acid – terpinen-4-ol – terpinoleen – trans-anethol – a-pineen – a-terpineen – a-terpineol – anethol – anijsaldehyde – b-cymeen – b-pineen – oleic acid – fumaric acid – gamma-terpineen – limoneen – myrceen.
Bron Liber Herbarum II.

Werkzaamheid:
Antiastmatisch – antibacterieel – antiseptisch - carminatief - expectorant -  jicht  -  mazelen - menstruatie, regelend, activerend – pokken - stomachisch – waterzucht – wondhelend.
Homeopatisch gebruik: aambeien en aderproblemen.
Vervangingsmiddel voor thee en tabak. Van de wortel wordt een zalf gemaakt en een decoctie tegen honden- en slangenbeten. Van de bladeren en zaden wordt een polish gemaakt voor houten meubelen, vooral eiken.

Contra indicatie:
Wordt in de aromatherapie niet gebruikt, niet voor zwangere.Myrrhis odorata


Bron: Gernot Katzer’s Spice pages: Cicely (Myrrhis odorata (L.) Scop.
          Plants for a future: edible, medicinal and useful plants for a healthier world.
          USDA Plants profile Myrrhis odorata (L.) Scop.
          Wikipedia de., eng.
          Liber Herbarum II Myrrhis odorata (L.) Scop. Erik Gotfredsen


Foto: www.plant-identification.co.uk
         www.fungoceva.it
         www.bio-gaertner.de
         www.atlas-roslin.pl
         www.britannica.com .

 

©®Copyright en registratie notaris. André Gielen 2001 – december 2007