Print This Page

Robinia pseudoacacia

Robinia pseudoacacia

ROBINIA PSEUDOACACIA L.              ACACIA, GEWONE OF WITTE, VALSE, SCHIJN ACACIA.
Synoniem:
 Robinia pseudoacacia L. var. pyramidalis Pepin
                  Robinia pseudoacacia L. var. rectissima (L.) Raber
                  Robinia pseudoacacia L. f. inermis (Mirb.) Rehder.
Familie: Fabaceae. Stoomdestillatie. De kleur van de olie is bleekgeel met een warm zoete, kruidige, bloemige geur. Geliefd in de parfumindustrie en goed te mengen met roos en jasmijn. En van de duurdere geuren. Stoomdestillatie van de bloemen, meestal in synergisch destillaat aangezien de bloemen weinig olie bevatten. Op kleine schaal wordt er ook een absolue geabstraheerd. In de olie van de bloemen kan het giftige piperonal voorkomen. Het zaad levert een drogende olie.

Het geslacht Robinia bestaat uit een twintigtal struiken en bomen. Hij lijkt op de echte acacia’s, de zogenaamde mimosa of wattle. De naam acacia komt uit het Grieks: “akis” en betekent doorn. De Robinia is een peulvrucht.
Het is een doornige bladverliezende boom met zachte ovale bladeren, die bestand is tegen luchtvervuiling, met trossen welriekende witte bloemen gevolgd door platte bruine peulen, 10-15 cm grRobinia pseudoacaciaoot met 4-8 zwarte zaadjes, die rijpen in september/oktober, aan de boom blijven hangen tot de peul openbarst en het zaad door de wind wordt verspreid in de winter of de vroege lente. De doorns zitten aan de twijgen, in paren aan weerszijde van elk geveerd blad (een steel met een aantal blaadjes twee aan twee tegenover elkaar). Hij kan 20-25 meter hoog worden, met een omvang van ongeveer 10 meter en het is een snelgroeiende boom die wordt gebruikt om dor land weer vruchtbaar te maken, omdat de wortels de grond vasthouden en de giftige bast van de boom niet door dieren wordt gegeten.
De bloemtrossen worden verwerkt in jam, nectar voor bijen in de acaciahoning, en essence voor parfum. Hij heeft een schermachtige kroon. De schors is grijs- tot donkerbruin, met diepe voegen en groeven in de lengterichting. De stam is dikwijls krom en de takken kaal met scherpe stekels.
Bloeit in mei/juni met witte geurende vlinderbloemen. Ze bloeien in trossen van 10-20 cm lang en geuren een beetje bergamotachtig. Ze hebben peulen van 5-10 cm, perkament- of leerachtig, die in de winter lange tijd aanwezig blijven en ratelen in de wind. De bomen houden van een lichtzure en/of kalkhoudende grond. Ze zijn niet erg onderhoudgevoelig en kunnen tegen droogte, na een goede worteling. Wel hebben ze behoefte aan zon. De plant heeft geurige plantendelen zowel als giftige (zaad, vruchten, bladeren en schors). Hij is geschikt voor in de heidetuin en lokt bijen. De nectar bevat 34-59% suiker en levert de acacia honing. Kan solitair worden aangeplant. Daarom zijn ze uitermate geschikt voor heide- en zandgronden en voor aanplantingen op steile zuidelijke hellingen. Verder groeien ze in bossen, struikgewaRobinia pseudoacacias, bosranden, kalkhellingen, rotsachtige gebieden, enz.
Het zaad wordt door de wind verspreid en omdat de zaden nogal zwaar zijn is dat verspreidingsgebied niet erg uitgestrekt, tot hoogstens 100 meter. De Robinia compenseert dit door al met zes jaar te bloeien en vruchten te leveren en het zaad blijft lang kiembaar, wel tot 30 jaar. Om te ontkiemen heeft het zaad veel zonlicht nodig. Bovendien kan de boom zich vermeerderen door worteluitlopers, bijvoorbeeld na brand, diervraat, enz. en kan zo andere plantensoorten verdringen en kan dan gaan woekeren. Hij heeft een groot hartwortelstelsel, met veel oppervlakkig kruipende wortels en veel wortelopslag.
De bomen kunnen 100-200 jaar oud worden.

De boom is inheems in Atlantisch Noord Amerika, de Appalachen en Pensylvenië, Missouri, Noord- en Zuid Carolina, Georgia, Indiana en Oklahoma, tot hoogten van 1600 meter, in een vochtig klimaRobinia pseudoacaciaat met een jaarlijkse regenval van 1000-1830 mm. Tegenwoordig wijd verbreid, Europa, Noord Afrika, West- en Oost Azië.
De Amerikaanse Indianen gebruikten de wortels in recepten voor rode verfstoffen en de giftige schors en wortels werden gebruikt als braakmiddel. Het hout, sterker dan eikenhout, wordt gebruikt voor afrasteringpalen.

Het zijn sterke bomen en ze hebben een sierwaarde. Ze lenen zich goed voor het maken van kroonboompjes. Ook worden ze veel aangeplant in parken, om hun mooie verschijning, maar ook omdat ze tegen vervuilde lucht kunnen.
Het hout is zeer hard, duurzaamheidklasse 1, kan tegen aantasting door insecten en rot en kan concurreren met hardhout. Het kernhout is bruin tot groengeel en het spinthout is wit. De hardheid van het hout is afhankelijk van de grond. Droge grond en langzame groei geven een fijne, harde structuur; snelle groei en vochtige grond maken het hout minder hard. Het hout werd gebruikt voor ondersteuning van wijnranken, wielspaken, ladders, kamwielen, nagels, pinnen, meubels, tuinmeubels en kan concurreren met teak en meranti. Het is buigzaam en sterk en wordt in de scheepsbouw, mijnbouw, modelbouw en in de constructie gebruikt. Omdat het hout niet behandeld hoeft te worden met chemicaliën, wordt het veel gebruikt voor kinderspeeltuinen en kinderspeelplaatsen.
Polen, Slowakije, Zuid Korea en Hongarije hebben grote plantages. Wereldwijd is er nu 3.264.000 hectare aangeplant. Nog een groot voordeel van de boom is dat hij stikstof aan zich kan binden, in een symbiose met de bacteriestam rhizobium. De wortels hebben een knobbel die door middel van de bacteriën vrije stikstof in de grond brengen, waardoor en met de aanwezige stoffen nitraten en proteïnen worden gevormd, die nodig zijn voor plantengroei. Hij is dus erg geschikt voor beplanting van onvruchtbare gronden.Robinia pseudoacacia
In Midden Europa is de Robinia samen met de els de enigste boom die dat kan.
Het moet zorgvuldig worden gedroogd, want het trekt gauw krom en kan dan barsten.
Ze zijn inheems in oost en midden Amerika en in het noorden van Mexico. Jean Robin en zijn zoon Vespasien,  Franse botanici en lijfartsen van Hendrik IV van Frankrijk, introduceerde de acacia in Europa vanuit Amerika rond 1600. Ze plantten een boom in het Louvre te Parijs. Carl von Linné heeft hem naamgegeven, naar Jean Robin. In 1640 werd de boom in Engeland ingevoerd, in 1670 in Duitsland, in 1726 in Italië. In de 18e eeuw werd de boom in bosbouw projecten opgenomen, vooral in zandgebieden, omdat hij erosie tegengaat en voor het duurzame hout.
In Hongarije en Oostenrijk is de Robinia een bedreiging voor andere flora soorten.

WerkzRobinia pseudoacaciaame bestanddelen:
De olie bevat monoterpenolen: a-terpineol. Verder: methylantranilaat en de aldehyde piperonaldehyde (heliotropine). De ander inhoudstoffen zijn afhankelijk van het synergisch destillaat. Mogelijk: acacetine, benzylalcohol, nerol, arachidezuur, asparagine, benzaldehyde, b-sitrosterol, caroteen, mineralen, farnesol, tanninen, glucose, resin, linalol, linarine, koolhydraten, lnoleenzuur, linolzuur, palmitinezuur, vetten, proteïne, e.a.
Het zaad en de schors bevatten het giftige proteine robine en phasine (verkleeft de rode bloedlichaampjes), het indoxyglycoside indikan (levert bij oxidatie de kleurstof indigo), de glycoside robinin en het flavonglycoside arkacain. Vooral het zaad bevat lectine (moleculen die bestaan uit eiwit en koolhydraten),met name lectrine RPA-I  11.6% en lectine RPA-II 4.3%. In de schors zijn de stoffen sterker geconcentreerd. Gevaarlijk voor kinderen zijn de zaden. De Robinia is ook giftig voor paarden, honden, knaagdieren, katten en vogels.

Werkzame bestanddelen in de hele plant:
      In het zaad:Robinia pseudoacacia
Arachidic acid – as 0 behenic acid – calcium – canavanine – koolhydraten – vet – fiber – lignoceric acid – linoleic acid – linolenic acid – oleic acid – P205 – palmitic acidproteine – raffinose – stachyose – stearic acid – water.
      In de bloemen:
Robinine – methyl-anthranilaat – nerol – linalol – kaempferol-7-beta- L -rhamnopyranoside – kaempferol-7-beta-L-rhamnofuranoside – kaempferol-7-alpha-L-rhamnopyranoside – kaempferol-7-alpha-L-rhamnofuranoside – kaempferol – indole – heliotropine – farnesol – benzyl-alcohol – benzaldehyde – b-sitosterol – anthranilic acid-methylester – a-terpineol - 3-O-beta-D-galactofuranosyl-6-beta-L-rhamnofuranoside -
      In de schors:
Amygdaline – phasin – phytostreols – pyrocatechin-taninen – resin – robin – robinitin – syringin – tanninen – urease - 
      In de wortel:
Robin 
   Robinia pseudoacacia   In het hout:
2’,4’,2,3,4-pentahydroxychalcone – 2’,4’,4’-trihydroxychalcone – 2,4-dihydroxybenzoic acid – 7,3’,4’-trihydroxyflavan-3,4-diol – alpha-cellulose – butein – butin – dihydrorobinetin – fisetin – fustin – leucorobinitidine – lignin – liquiritigenin – pentosans – robinetin – robtein – robtin – tanninen – taxifolin – xanthone -
      In het blad:
5,7-dihydroxy-4’-methoxyflavone – acacetin – acacetin-7-xylosidorhamnoglucoside – acaciin – apigenin-7-bioside – apigenin-7-rhamnoxyloside – apigenin-7-trioside – as – asparagine – calcium – koolhydraten – caroteen – eo – vet – fiber – glucose – hexen-3-ol – indican – linarin – fosfor – protein – rhamnose – trans-2-hexenal – xylose.
      In de plant:
Hydroxymethylglutamylhydroxyabscicic acid.
Bron: Dr. Duke.

Werkzaamheid:Robinia pseudoacacia, bloeiwijze
Adstringent - anticonvulsant  -  antispasmodisch - antiviraal  -  aromatisch -  diuretisch  -  emetisch  -  emollient  -  febrifuge - galproductiebevorderend  -  laxatief  -   narcotiserend  -  sedatief -   tonisch, algemeen.
Gebruik in de homeopathie is bekend bij maagzuurklachten. De etherische olie bevat bloedcirculatiebevorderende eigenschappen die tot uitdrukking komen bij problemen met de haarvaten. Verdamping bij depressieve klachten en aan stress gerelateerde aandoeningen. Als huidverzorger bij couperose en haarvatproblemen. Ook als parfum op de huid te gebruiken. Inwendig gebruik is niet bekend.

Combinaties:
Acacia is goed te mengen met hout oliën zoals copaicabalsem, iris, viool, bergamot en andere citrusoliëRobinia pseudoacacian, jasmijn en roos.

Contra indicaties:
Niet inwendig gebruiken. Mogelijk huidirritant. Bij lokaal gebruik 1% aanhouden. Testen in de binnenkant van de arm. Uitkijken met baden, 5 druppels oplossen in honing of anderszins. Niet gebruiken bij jonge kinderen en baby’s. Tijdens de zwangerschap alleen verdampen.

 


Bron: Wikipedia de., nl., eng. Robinia – Black locust – Gewöhnliche Robinie.
          Robinie (Robinia pseudoacacia) www.giftpflanzen.com
          Fact Sheet ST-570 okt.1994. US. Forest Service. Robinia pseudoacacia – Black locust. By
         Edward F. Gilman and Dennis
          G. Watson.
          Dr. Duke’s Phytochemical and Ethnobotanical Databases. Robinia pseudoacacia L.
          Wilde planten in Nederland en België. Robinia. K.M. Dijkstra © 2001-2007.
          False Acacia – Black Locust Tree: Robinia pseudoacacia.
          www.the-tree.org.uk/BritishTrees Robinia pseudoacacia L. Black Locust by J.C. Huntley.
          USDA Plants profile Robinia pseudoacacia L. – Black locust.
Foto: www.nl.wikipedia.org (de., eng., pl.)
         www.tuinadvies.be

©®Copyright en registratie notaris. André Gielen 2001 – december 2007


Previous page: Ravintsara
Next page: Rosa species