Print This Page

Piper cubeba

 


PIPER CUBEBA L. f.                                    -                                          CUBEBE/STAARTPEPER
Synoniemen:
  Piper clusii DC.
                       Piper guineense Schumach. et Thonn.
FamPiper cubebailie: piperaceae. Gebruikt deel: volgroeide onrijpe zaden. India. Inheems in Indonesië, vooral Java. Gecultiveerd voor het zaad en de etherische olie.
Stoomdestillatie geeft een lichtgroene of blauwgele vloeistof, met een warme, pikante, kamferachtige geur, een beetje naar nootnuskaat. De smaak is peperachtig, aromatisch en licht bitter.
Opbrengst uit zaad 7-18% etherische olie. Verdere inhoudsstoffen vette olie, cubebine zuur, cubebine, piperidine, 0,4% piperine.
Olie uit de bladeren heeft een opbrengst van 0.9%. De hoeveelheid monoterpenen in de besolie en de bladolie zijn gelijk, resp.17,2% en 17%. In de bladolie was het hoofdbestanddeel E-caryophylleen en y-cadineen; in de besolie a-copaen, b-elemeen, E-caryophylleen en caryophylleen.
Midden- tot topnoot in mannengeuren. Smaakmaker in sauzen en tabak.
Zeer groot geslacht van meer dan 1000 struiken, planten, bomen, klimmers, enz.

De naam cubebe komt uit het Arabisch kababah.
Theophrastus (4e eeuw voor Christus) noemde cubebe komakon en gebruikte het samen met kaneel en cassia als aromatica.
In de Tang dynastie werd cubebe in China geïntroduceerd. In Duizend en een nachten uit de 9e eeuw werd het aanbevolen tegen onvruchtbaarheid. In de 10e eeuw werd cubebe opgenomen in de Arabische keuken. In de reizen van Marco Polo uit de 13e eeuw werd aangegeven dat Java cubebe leverde, samen met andere waardevolle specerijen. In de 14e eeuw werd het ingevoerd in Europa door de Venetiaanse handel met de Arabieren en een zeer gewaardeerd specerij in de Middeleeuwen om vlees te kruiden en gebruikt in sauzen.
 In 1654 beschreven door Nicholas Culpeper in de London Dispensatorie: “hot and dry in the third degree; they cleanse the head of flegm and strengthen the brain, they heat the stomach and provoke lust”. Vanaf 1815 werd cubebe in Engeland in medicijnen toegepast, in allerlei vormen: olie, tinctuur, extracten, pillen, oleoresin bestanddelen en geuren, maar vooral gebruikt voor de behandeling van gonorroe in combinatie met Copaifera officinalis.

Staart- of steelpeper is een groenblijvende tropische klimplant tot 6 meter met hartvormige bladeren, glad met een scherpe punt en een ronde grijze stam. Onopvallende kleine witte bloemen die groeien in aren. De vrouwelijke planten dragen groene bessen die verkleuren tot oranjebruin. De plant komt oorspronkelijk uit Indonesië maar is nu gecultiveerd in Zuidoost Afrika, in Sierra Leone en Kongo.

De meeste peper komt van Java en anderen Indonesische eilanden. De vruchten worden geoogst voor ze rijp zijn en zorgvuldig gedroogd. De zaden zijn hard, wit en olieachtig. De geur aromatisch, de smaak, scherp, bitter en doordringend. De Javanen beschermden hun handel in de peper door de bessen te steriliseren door verhitting, zodat de klimplant niet kon worden gecultiveerd.
Tijdens de 16e en 17e eeuw was cubebe een goede vervanger voor zwarte peper evenals de negerpeper of Senegalpeper. Beiden zijn in Europa zo goed als in de vergetelheid geraakt ook wel een beetje te wijten aan de bittere smaak. In Marokko en Tunesië worden ze nog wel gebruikt. De Marokkaanse keuken gebruikt zeer complexe mengsels van kruiden en specerijen.
Traditioneel wordt deze pepersoort gebruikt bij de behandeling van infecties aan de urinewegen. In de volksgeneeskunde in India worden er allerlei preparaten van cubebe gebruikt, als mondspoeling, bij mond- en tandproblemen, stemverlies, halitosis, koorts, hoesten. Gebruik van de cubebe in Jamu, de traditionele Indonesische geneeskunst. In Chinese medicijnen gebruikt om de verwarmende eigenschappen. In Tibet voor behandeling van de milt. De etherische olie wordt gewonnen door stoomdestillatie van de volgroeide, maar nog onrijpe zaden. Het is een stroperige, blauwgroene olie met een houtige, kamferachtige geur. Wordt gebruikt als smaakstof in voedingsmiddelen en als werkstof in antiseptische preparaten(diuretische en urinaire preparaten). In de Indonesische keuken veel in curries. WordtPiper cubeba gebruikt als smaakmaker in gin, Russische wodka en sigaretten en in Indonesië en Afrika als smaakmaker in voedingsmiddelen. Werd vroeger veel gerookt tegen astma, chronische faringitis en hooikoorts. Overdosering van de bessen kan hoofdpijn en duizeligheid veroorzaken, mogelijk door de verhoogde cerebrale circulatie.
Medicinaal is de bes: carminatief, diuretisch, expectorant, stimulant, antiseptisch, bij longproblemen, stomachisch en wordt inwendig gebruikt. Uitwendig gerookt: astma en hooikoorts.
De plant bevat lignanen (fytochemicaliën, oestrogeen-like, kankerbeschermend), in de bladeren 15, in de bessen 13 en in de takjes 5, met als voornaamste: cubebine, hinokinine, yateine, isoyateine. (GC/MS analyse).

Andere soorten zijn Piper clusii en Piper guineense (phenylpropaan, dillapiol en myristicine en elemicine alsmede a-fellandreen) worden wel de “valse Cubebe “ genoemd of Ashantipeper. Dit zijn Centraal Afrikaanse soorten.

Malen voor het gebruik, want vooraf gemalen pepers verliezen snel hun kracht.
Cubebine is een kristallijne substantie geproduceerd uit cubebene of uit de pulp na de destillatie, en bevat gum, vette olie, magnesium, calcium, 1% cubebic acid en 6% resin.
Cubebe olie wordt gebruikt om patchouli te vervalsen en wordt zelf vervalst door toevoeging van Piper baccatum en Piper caninum.

Werkzame bestanddelen: etherische olie: 3 – 18%: meestal rond de 10% opbrengst.
Monoterpenen: myrceen, sabineen 50%, careen, 1,4 en 1,8-cineol, b-phellandreen, a-pineen, a-thujeen, d-limoneen, terpinoleen, a-phellandreen, a-terpineen, a-terpineol, linalool
Sesquiterpenen: a- en b-cubebeen tot 50%, azuleen, cadineen, allo-aromadendreen, a-muuroleen, b-bisaboleen, b-copaen, b-caryophylleen, germacreen.
Sesquiterpenolen: cubenol, nerolidol, germacrol, ledol
Oxiden: cineol
Verder harsen, apiol, safrol, cubebine, piperine e.a. Het is een aromatisch bittermiddel, heilzaam voor maag en darmen, windzuchtverdrijvend. De monoterpenen overheersen maar de sesquiterpenen hebben een grote invloed op het aroma. De scherpe smaak wordt veroorzaakt door een lignaan, nl. cubebin 2,5% en andere verbindingen: hinokinine, clusine, dihydroclusine, dihydrocubebine e.a. (Phytochemie, 24, 329, 1985).

Werkzame bestanddelen in de hele plant:
      In het zaad:
(+)-sesamine – 1,4-cineol – 10-(alpha)-cadinol – 2,4,5-trimethoxybenzaldehyde – allo-aromadendreen – a-cubebeen – a-muuroleen – a-thujeen – b-bisaboleen – b-cubebeen – b-elemeen – calameneen – copaen – cubebol – cubenol – d-delta-4-carene – d-cadineen – dillapiol – dipenteen – epicubenol – g-humuleen – L-cadinol – piperidine – resinoide – sabineen – 1,8-cineol – a-phellandreen – a-pineen – a-terpineen – a-terpineol – apiol – asarinine – azuleen – b-phellandreen – b-pineen – caryophylleen – cuberine – d-limoneen – g-terpineen – gummi – hars – kubebine – ledol – limonene – linalool – myrceen – nerolidol – ocimeen – piperinPiper cubebae – sabinol – safrol – terpenen – etherische olie.
      In de hele plant:
(+)-sabineen – 1,4-cineol – allo-aromadendreen – a-cubebeen – a-thujeen – b-bisaboleen – b-caryophylleen – b-cubebeen – b-elemeen – bicyclosesquiphellandreen – calameen – copaen – cubebol – epicubenol – humuleen – muuroleen – p-cymeen – sabineen – terpinoleen – 1,8-cin eol – a-phellandreen – a-pineen – a-terpineen – b-phellandreen – b-pineen – cadineen – cineol – g-terpineen – myrceen – nerolidol – ocimeen – terpineol – trans-terpineen – etherische olie. Bron: Liber Herbarum II
 Ter vergelijk: olie uit Indonesië: JEOR. Journal of Essential oil Research.
De rijpe bessen en bladeren warden verzameld in Jatiroto en Temmanggung in Centraal Java, in Indonesië.
Olie van de rijpe bessen: 11.8%, 103 bestanddelen - van de bladeren 0.9%, 62 bestanddelen, GC en GC/MS analyse.
Hoofdbestanddelen besolie: sabineen 9.1% - b-elemeen 9.4% - b-caryophylleen 3.1% - epi-cubebol 4.3% - cubebol 5.6%. Monoterpenen: a-thujeen 2.5% - a-pineen 1.8% - sabineen 9.1 en limoneen 2.3%
Hoofdbestanddelen bladolie: trans-sabineenhydraat 8.2% - b-caryophylleen 5% - epi-cubebol 4.2% - y-cadineen 16.6% - en cubebol 4.8%. Monoterpenen: a-pineen 3.2% - sabineen 3.8% - b-pineen 3.8% - limoneen 3.4%.
 Olie uit Sri Lanka
Besolie 16.8% hoofdbestanddelen: cubebol 31% - a-cubebeen 5.1% - copaen 8.1%.
 Olie uit India
Besolie 14.5% hoofdbestanddelen: cubebol 23.6% - a-pineen 18.2% - b-elemeen 7.3% - b-cubebeen 5.6% - d-cadineen 4.7%.
 Olie uit Indonesië: Universiteit Groningen. Dissertatie.
Besolie: tricycleen sporen – a-thujeen 2.5% - a-pineen 1.8% - campheen sporen – 5-methyl-3-heptanon sporen – benzaldehyde sporen – sabineen 9.1% - b-pineen 0.2% - 6-methyl-5-hepten-2-one sporen – b-myrceen 0.2% - n-decane sporen – a-phellandrween 0.4% - 2-octanol sporen – d-3-careen sporen – a-terpineen sporen – para-cymeen 0.1% - limoneen 2.3% - 1,8-cineol 0.3% - b-phellandreen sporen – 2-ethyl-4-pentenal spren – E-b-ocimeen 0.1% - y-terpineen 0.1% - cis-sabineenhydrfaat 0.4% - terpinoleen sporen – meta-cymeen sporen – nonanon-2 sporen – trans-sabineenhydraat 2.5% - linalol 0.2% - n-undecane sporen – kamfer sporen – verbenol sporen – isoborneol sporen – sabinaketon sporen – E-2-nonenal sporen – trans-b-terpineol sporen – borneol sporen – umbellulon sporen – terpinen-4-ol 0.1% - crypton sporen – a-terpineol 0.1% - methylsalicylaat sporen – cis-piperitol sporen – nerol sporen – thymolmethylether sporen – geraniol sporen – 2-undecanon sporen – 2-methylundecanal sporen – E,E-2,4-decadienal sporen – y-elemeen 0.1% - a-cubebeen 1.5% - cycloisosativene 0.2% - a-copaen 3.8% - b-bourboneen sporen – b-elemeen 9.4% - b-cubebeen sporen – a-cis-bergamoteen sporen – E-caryophylleen 2.5% - a-trans-bergamoteen 0.2% - cis-muurola-3,5-diene sporen – humuleen 0.9% - cqaryophylleen 2.5% - d-cadineen 0.2% - y-muuroleen 1.7% - E-b-farneseen 0.2% - germacreen D 0.1% - cis-muurola-4-(14)-5-diene 0.3% - epi-cubebol 4.6% - a-muuroleen 0.6% - b-himachaleen 0.2% - Z-a-bisaboleen 0.3% - y-cadineen 0.1% - cubebol 5.6% - d-cadineen sporen – E-y-bisaboleen 1.2% - cadina-1,4-diene sporen – a-cadineen sporen – a-calacoreen sporen – y-gurjuneen-epoxide sporen – elemol sporen – cis-muurol-5-en-4-beta-ol sporen – E-nerolidol 0.1% - germacreen B 0.1% - ledol 0.2% - b-calacoreen 0.1% - spathulenol 0.1% - isopropyl-2,7 cyclodecadiene 0.2% - epik-globulol 0.5% - globulol 0.1% - viridiflorol sporen – guaiol 2.8% - (iso)-aromadendreen epoxide sporen – 1,10-di-epi cubenol sporen – epi-cubenol 0.3% - T-cadinol 0.3% - a-epi-muurolol 0.3% - d-cadinol 0.1% - a-cadinol 0.2% - b-eudesmol sporen – selin-11-en-4-alpha-ol sporen – b-bisabolol sporen – a-bisabolol 0.1% - E,E-farnesol sporen – Z,E-farnesol sporen.
Totaal geïdentificeerd 63.1%. Essentiële olie 11.8%. Monoterpenen 17.2%. Zuurstof bevattende monoterpenen 3.6%. Sesquiterpenen 26.8%. Zuurstof bevattende sesquiterpenen 15.5%
Bladolie: tricycleen sporen – a-thujeen 0.7% - a-pineen 3.2% - campheen 0.3% - Piper cubebasabineen 3.8% - b-pineen 3.8% - b-myrceen 0.5% - a-phellandreen 0.2% - a-terpineen 0.1% - para-cymeen 0.4% - limoneen 3.4% - b-phellandreen 0.1% - E-b-ocimeen 0.3% - y-terpineen 0.2% - cis-sabineenhydraat 0.3% - terpinoleen sporen – meta-cymeen sporen – trans-sabineenhydraat 8.2% - linalol 1.2% - trans-b-terpineol 0.2% - a-terpineol 0.7% - 2-undecanon 0.7% - 2-methylundecanal 0.1% - a-cubebeen 0.8% - a-copaen 0.9% - b-bourboneen sporen – b-elemeen 1.4% - b-cubebeen 0.2% - E-caryophylleen 5% - humuleen 1.5% - caryophylleen 0.1% - allo-aromadendreen 0.2% - d-cadineen 0.3% - y-muuroleen 0.3% - E-b-farneseen 0.1% - cis-muurola-4(14)-5-diene 0.3% - epi-cubebol 4.2% - a-muuroleen 1.2% - b-himachaleen 0.1% - Z-a-bisaboleen 0.1% - y-cadineen 16.6% - cubebol 4.8% - d-cadineen 0.1% - cis-calameneen 0.3% -E-y-bisaboleen 0.5% - cadina-1,4-diene 0.4% - trans-calameneen 0.1% - a-calacoreen 0.1% - cis-muurol-5-en-4-beta-ol 0.1% - E-nerolidol 1.5% - b-calacoreen 0.4% - spathulenol 0.1% - isopropyl-2,7cyclodecadiene 1% - epi-globulol 0.4% - viridiflorol 0.1% - guaiol 0.1% - epi-cubenol 0.7% - T-cadinol 2.7% - a-epi-muurolol 0.5% - d-cadinol 0.2% - a-cadinol 1.9% - selin-11-en-4-alpha-ol 0.1% - a-bisabolol 0.2%.
Totaal geïdentificeerd. 78%. Essentiële olie 0.9%. Monoterpenen 17%. Zuurstof bevattende monoterpenen 10.6%. Sesquiterpenen 31%. Zuurstofbevattende sesquiterpenen 18.6%.

Werkzaamheid:
Aambeien  -  afrodisiacum  -  angina -  anti-infectie – antimicrobe - antiseptisch (longen, urinewegen) – antischimmel - antiviraal, herpes simplex  -  bacteriedodend  -  blaasontsteking – bronchitis, chronische -  cardiac, hartversterkend  - catarre  -  carminatief  -  cefaal - congestie – diaphoretisch - diarree – digestief - diuretisch -    expectorant  -   gebrek aan eetlust  -  gonorroe  -   halitosis  - hoesten  - keelpijn   -   koorts  -  leverproblemen  -  maagproblemen/maagbeschermend  -  neurotonisch  - prostaatontsteking - reuma - sinusitis -   spijsverteringsproblemen   -  stimulerend, nieren, blaas, lever, spieren, hersenen, zenuwstelsel   -  stomachisch -   urinewegproblemen  -   uretritis   -   witte vloed   -zeuwstelsel, regulerend.
Verdampen: bronchitis, catarre(neusslijmvliesontsteking), chronische verkoudheid, griep, sinusitis, keelontstekingen. Cefale olie, helpt bij concentreren, geestelijke vermoeidheid.
De olie van Piper cubeba is getest en belemmert de groei van bacteriën van S. faecalis, B. pumilus en P. solanacearum. 
Bron: Journal Plant Foods for human nutrition. Vol. 20, 3-juli 1971, 231-237.

Combinatie:
cananga, galbanum, lavendel, piment, rozemarijn, zwarte peper en andere specerijen.

CPiper cubebaontra indicatie:
Kan de huid irriteren. Wordt dikwijls vervalst. Langdurig gebruik en overdosering kan diarree opleveren, onrust en nervositeit. Na drie maanden stoppen. De bessen niet gebruiken bij ontstekingen.

Toepassingen:
*bij bronchitis, sinusitis
*bij aambeien
*bij blaasontsteking


Bron:  Sorting Piper names Multilingual multiscript Plant Name Database. 
           Wikipedia eng., Cubeb. De.:Kubeben-Pfeffer.
           Gernot Katzer’s Spice pages. Piper cubeba L.
           Epicentre: Encyclopedia of spices: Cubeb – Piper cubeba.
           Aspecten betreffende fytochemie en biosynthese van lignanen.
           www.dissertations.ub.rug.nl
           Chapter 5. www.dissertations.ub.rug.nl  Essential olils constituents of Piper cubeba from
           Indonesia.
           Journal Plant Foods for human nutrition. Vol. 20, 3-juli 1971, 231-237. A. Kar and S.R.
           Jain. University of Saugar, Sagar, M.P. India.
           JEOREssential oil constituents of Piper cubeba L. fils jan/febr. 2007 Rein Bos, Herman J.
           Woerdenbaq, Oliver Kayser, Wim J. Quax, et al.
           Lignan profile of Piper cubeba, an Indonesian medicinal plant. Universiteit van Groningen.
           Henriette’s Herbal Homepqage King’s American Dispensatory by Harvey Wickes Felter,
           M.D. and John Uri Lloyd Phr. M. Ph. D. 1898 Cubeba (U.S.P.)- Cubeb.
           USDA GRIN Taxonomy for Plants Piper cubeba L. f.
           Herbalmagika Cubeb (Piper cubeba) www.herbalmagika.com  
           Liber Herbarum II Erik Gotfredsen. Piper cubebe L.f.
           Mother herbs & Agro Products. Piper cubeba.
Foto: www.uni-graz.at
         www.eng.wikipedia.org
         www.nuclphys.sinp.msu.ru
         www.motherherbs.com
         www.user.chol.com


©®Copyright en registratie notaris. André Gielen 2001 – december 2007

 


Previous page: Piper auritum
Next page: Piper longum